Tai Chi
Een belangrijk verschil tussen de traditionle Chinese geneeswijzen (TCM) en de westerse geneeskunst is, dat TCM vooral preventief wordt toegepast. Het versterkt het immuunsysteem om ziektes af te weren. Ziekte wordt in de TCM gezien als een toestand, waarbij de energie in het lichaam niet voldoende stroomt of niet voldoende voorhanden is. Eén van de functies van die energie (Qi) is het bewegen van het bloed. De Qi stroomt in het lichaam door onzichtbare kanalen, die meridianen worden genoemd. Er zijn meridianen die zijn gekoppeld aan organen en meridianen die meer een reservoir-functie hebben.
De basis van de Taiji Quan (T’ai Chi Chuan) ligt in de Qi Gong. Taiji betekent het ‘hoogst bereikbare’, ‘het meest verhevene’. Quan betekent ‘vuist of boksen’. Taiji Quan is een gevechtskunst die in de loop van veel eeuwen ontwikkeld werd in China.
In Taiji Quan zijn een drietal facetten te onderscheiden. Je kunt Taiji beoefenen als bewegingsleer, meditatie en gevechtskunst (waarbij je vooral vecht tegen afname van vitaliteit, ziekte, veroudering en tegen je eigen schaduwzijden: angst, onzekerheid, gebrek aan basis e.d.). Wat je ziet als iemand Taiji beoefent, is een set langzame, ontspannen uitgevoerde, vloeiende bewegingen. Waar het op neer komt als je met Taiji begint, is dat je geconfronteerd wordt met je eigen motoriek, met je eigen lichaam. Je komt er achter dat je op een ‘verkeerde’ manier beweegt en op een ‘verkeerde’ manier ademt. De mens in het Westen heeft zich aangeleerd om alles vanuit de armen te doen en door dingen als stress, druk, tijdsdruk, volle agenda’s is men ‘hoog’ gaan ademen.
Praktisch gezien is Taiji Quan een ideale manier om een verloren gegaan contact met je lichaam te herstellen. De Taiji leert de mens weer bewegen vanuit de benen en het middel, laag te ademen in de buik. De bewegingswijze en principes zijn op allerlei gebieden toepasbaar: voetballen, dansen, werk, dus gewoon in het dagelijkse leven.
Doordat de Taiji bewegingen langzaam worden uitgevoerd is er weinig kans op blessures, terwijl de training wel intens is. Het plezier in bewegen wordt vergroot omdat de bewegingen fraai zijn om te zien. Pezen en spieren worden sterker en gewrichten functioneren beter. De diepere ademhaling zorgt voor een betere ontspanning, betere concentratie, massage van de organen. Op regelmatige basis beoefend kunnen allerlei stress-verschijnselen, RSI-klachten verdwijnen. Taiji houdt de mens levendiger en soepeler van lichaam en geest.
In Australië zijn proeven gedaan met mensen die last hebben van reuma (fibromiealgie, artritis, osteoporose). Allen hebben er baat bij gehad. Het waren weliswaar aangepaste oefeningen, maar juist doordat de oefeningen gemakkelijk thuis te doen zijn, wordt het ook snel gedaan en zeker wanneer iemand die altijd pijnlijke gewrichten heeft, gaat merken dat het minder pijnlijk wordt.
Docent:
Hans Busker
